Wijziging Kunstendecreet
Op 11 juni 2008 werd het ontwerp van decreet houdende wijziging van het Kunstendecreet goedgekeurd in de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement. Op 20 juni 2008 werd het bekrachtigd door de Vlaamse Regering.
De wijziging situeert zich voornamelijk op de volgende vlakken:
Technische aanpassingen
Het Kunstendecreet van 2 april 2004 bevatte een aantal technische onduidelijkheden of fouten die met het wijzigend decreet worden verbeterd. Daarnaast werd een deel van de terminologie aangepast.
Enveloppefinanciering
Aangezien de middelen van het Kunstendecreet in grote mate naar de meerjarige werkingen gaan, is het de bedoeling om het resterende budget optimaal in te zetten voor de overige soorten van subsidiëring.
De mogelijkheid voor meerjarig gesubsidieerde organisaties om bijkomende subsidies aan te vragen wordt daarom aangepast. Concreet gaat het om de volgende wijzigingen:
- kunstenorganisaties die een meerjarige subsidie ontvangen boven een door de Vlaamse Regering te bepalen bedrag kunnen voortaan geen bijkomende subsidieaanvragen meer indienen voor de volgende elementen:
- internationale initiatieven
- projecten kunsteducatie
- sociaal-artistieke projecten
- creatieopdrachten
- publicaties
- opnameprojecten
- kunsteducatieve of sociaal-artistieke organisaties die een meerjarige subsidie ontvangen boven een door de Vlaamse Regering te bepalen bedrag kunnen geen bijkomende middelen meer aanvragen voor de volgende elementen:
- internationale initiatieven
- creatieopdrachten
- publicaties
- opnameprojecten.
Het ontwerpdecreet voorziet dat de Vlaamse Regering een bedrag vast kan stellen, vanaf hetwelk deze elementen geacht worden in het financieringsbudget te zijn inbegrepen. Op die manier komt een groter deel van de niet-structurele middelen effectief ten bate van organisaties die werken met een subsidiebedrag dat lager ligt dan datgene dat door de Vlaamse Regering is bepaald, organisaties die projectmatig werken of aan individuele kunstenaars. Als dusdanig wordt indirect ook de mogelijkheid gecreëerd om organisaties uit financieel achtergestelde sectoren bijkomende middelen toe te kennen in de loop van een meerjarige subsidieperiode.
Organisaties die een subsidiebedrag ontvangen dat hoger ligt dan datgene dat door de Vlaamse Regering is bepaald, worden verondersteld in hun planning budgettaire ruimte te voorzien voor onverwachte opportuniteiten en risico’s. Zij moeten hun verantwoordelijkheid opnemen binnen de toegekende enveloppe.
Er wordt voor geopteerd om de hoogte van het jaarlijkse subsidiebedrag waarboven geen bijkomende subsidies kunnen worden aangevraagd niet decretaal te verankeren maar op te nemen in het uitvoeringsbesluit. Op die manier kan flexibel worden ingespeeld op externe factoren zoals de index alsook op de noden van de sector. Rekening houdend met de huidig toegekende subsidiebedragen, zal het bedrag allicht worden vastgesteld op een hoogte van ca. 300.000 euro.
Subsidies voor kunstenaars
Het Kunstendecreet van 2 april 2004 voorzag de mogelijkheid om projectbeurzen aan kunstenaars toe te kennen. Deze projectbeurzen worden voor de duidelijkheid voortaan benoemd als “projectsubsidies voor kunstenaars”. Er bestond immers nogal wat verwarring tussen de termen projectbeurzen en projectsubsidies.
De bepaling dat kunstenaars uit de podiumkunsten of de muziek enkel in aanmerking komen voor beurzen op het vlak van de reflectie en niet voor creatie en presentatie, wordt geschrapt. Hierdoor zullen de ‘projectsubsidies voor kunstenaars’ naast de mogelijkheden die de projectbeurzen reeds boden voor beeldende kunstenaars, kansen kunnen bieden voor projecten van kunstenaars uit alle disciplines, zonder dat deze onmiddellijk verplicht worden een rechtspersoon op te richten. De doelstelling van deze beurzen voor kunstenaars uit de beeldende kunstensector blijft onveranderd.
Aanpassing data indienen aanvragen meerjarige subsidiëring
De data waarop meerjarige aanvragen moeten worden ingediend werden voor zowel kunstenorganisaties, sociaal-artistieke en kunsteducatieve organisaties en periodieke publicaties aangepast.
Voortaan moeten vierjarige aanvragen steeds uiterlijk op 1 oktober van het voorlaatste jaar dat voorafgaat aan de vierjarige subsidieperiode worden ingediend. Aanvragen voor subsidiëring van een tweejarige periode moeten voortaan op 1 december van het voorlaatste jaar dat voorafgaat aan de tweejarige subsidieperiode worden ingediend. Het decreet voorziet tot slot dat de Vlaamse Regering in jaren waarin er verkiezingen voor het Vlaams Parlement plaatsvinden en waarin een beslissing moet worden genomen over zowel vier- als tweejarige subsidiëringen, enkel subsidies toekent in de vorm van een driejarig financieringsbudget. Wanneer dit het geval is moeten alle aanvragen uiterlijk 1 oktober worden ingediend. Deze situatie doet zich uitzonderlijk voor in 2009 en zou zich pas in terug in 2024 terug voordoen.
Concreet betekent dit dat organisaties die een twee- of vierjarige aanvraag willen doen voor meerjarige ondersteuning vanaf 2010 hun aanvraag uiterlijk 1 oktober 2008 moeten indienen. Hoewel er dus een beslissing zal worden genomen voor een periode van drie jaar moeten de aanvragen voor meerjarige subsidiëring vanaf 2010 een twee- of vierjarige periode betreffen.
Om te bepalen of u een twee- of vierjarige aanvraag indient moet u zich richten naar de geest van het decreet (oorspronkelijke memorie van toelichting). Binnen het Kunstendecreet wordt de vierjarige subsidiëring als de meest gebruikelijke gezien voor organisaties die reeds een continue werking hebben. De tweejarige subsidie wordt gezien als een instapmogelijkheid voor organisaties die nog geen meerjarig subsidieverleden hebben. Deze tweejarige subsidiëring kan echter ook aangewend worden als heroriëntering- of zelfs uitstapregel voor organisaties die te kort schieten om nog in aanmerking te komen voor een vierjarige enveloppe.
Planlastvermindering
Een van de doelstelling van het ontwerpdecreet is de vermindering van de administratieve lasten voor de betrokken organisaties en individuen. Zo zullen de organisaties die meerjarig gesubsidieerd worden in de toekomst na de beslissing van de Vlaamse Regering over de hoogte van het subsidiebedrag in de komende periode niet langer een aangepast meerjarig beleidsplan en een geactualiseerd beleidsplan moeten indienen, maar enkel jaarlijks één actieplan.
Organisaties die projectmatig gesubsidieerd worden zullen niet langer verplicht een dubbele boekhouding moeten voeren, maar enkel een overzicht van alle inkomsten en uitgaven verbonden aan het project moeten voorleggen bij het voltooien van het project.
Heel wat andere administratieve lastenverlagingen zullen worden doorgevoerd bij het aanpassen van het uitvoeringsbesluit. Zo zal men in de toekomst niet langer allerhande administratieve documenten zoals statuten en ledenlijsten moeten bijvoegen bij subsidieaanvragen.
Aangepaste regeling uitbetaling meerjarige subsidies
De termijn van de betaling van de voorschotten aan organisaties die meerjarig gesubsidieerd worden werd opgenomen in het decreet. Deze regeling werd aangepast naar twee voorschotten van 45 % die vanaf 1 februari en 1 juli worden uitbetaald en een saldo van 10%. Dit ontwerp is onder voorbehoud van goedkeuring door de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement.
Voor meer informatie kan u het ontwerp van decreet en de bijbehorende memorie van toelichting (PDF, 5,03 MB) raadplegen waarin de wijzigingen worden geduid.
De minister gaf op 24 april 2008 ook een toelichting bij het wijzigend decreet (PDF, 64 kB) (PDF, 64 kB) in het parlement.
Hoofdkantoor
Landcommanderij Alden Biesen
Frans Masereel Centrum
Kantl
Kasteel van gaasbeek
