Naar inhoud


Subsidies voor publicaties

Gedeelde verantwoordelijkheid

De uitvoering van het letterenbeleid in Vlaanderen is een zaak van gedeelde verantwoordelijkheid tussen het Vlaams Fonds voor de Letteren en het agentschap Kunsten en Erfgoed.

Het zuiver literaire segment van de letteren wordt behartigd door het Vlaams Fonds voor de Letteren en het niet-literaire segment wordt door het agentschap Kunsten en Erfgoed behartigd.

Het agenschap ondersteunt algemeen culturele en kunstkritische publicaties. Concreet betekent dit het subsidiëren van tijdschriften en het verlenen van subsidies aan uitgevers van boeken in dit niet-literaire segment.

Tijdschriften, zijnde periodieke publicaties kunnen in aanmerking komen voor meerjarige structurele subsidiëring. Ze worden dan in principe structureel ondersteund voor 4 jaar. Ze kunnen ook ondersteund worden voor 2 jaar, wanneer ze in ontwikkeling zijn of in afbouw.

Boeken in het niet-literaire segment kunnen als niet-periodieke publicatie voor subsidiëring in aanmerking komen.

In het Kunstendecreet en het Erfgoeddecreet wordt een hoofdstuk gewijd aan de ondersteuning van periodieke en niet-periodieke publicaties en in het hoofdstuk internationale aangelegenheden wordt ook de mogelijkheidopgenomen om vertalingen uit en naar het Nederlands te subsidiëren. Hiermee geeft de overheid het groeiende belang aan van reflectie over de kunsten, bestemd voor een zo breed mogelijk publiek. Tijdschriften en andere publicaties die een bredere kijk geven op de artistieke en culturele ontwikkelingen, verdienen een plaats in het algemene kunstenbeleid.

Op deze website worden de werkingssubsidies voor periodieke publicaties en de subsidies voor niet-periodieke publicaties toegelicht.

 

Vlaams Fonds voor de Letteren

In 1999 werd het Vlaams Fonds voor de Letteren (VFL) opgericht voor de uitvoering van het letterenbeleid voor de literaire genres: 

  • proza
  • essay en kritiek
  • toneelschrijfkunst
  • poëzie
  • kinder- en jeugdliteratuur
  • literaire vertalingen.

Verder behoort ook het stripbeleid tot de bevoegdheid van het VFL.

Het VFL verleent subsidies in de vorm van werkbeurzen en stimuleringsbeurzen aan professionele literaire auteurs, vertalers, literaire verenigingen, tijdschriften en manifestaties. Het verstrekt ook productiesubsidies aan uitgevers voor literair werk en strips.

Daarnaast ondersteunt het VFL een aantal focuspunten. Dit zijn professionele organisaties die een intermediaire rol vervullen tussen het veld en het Fonds, en die optreden vanuit een opgebouwde expertise en specialisatie (bijvoorbeeld het Beschrijf en het Poëziecentrum).

Het VFL moet eveneens de uitstraling van de Nederlandstalige literatuur in binnen- en buitenland bevorderen, bijvoorbeeld door aanwezigheid op grote buitenlandse boekenbeurzen zoals Frankfurt, Bologna, Londen, Parijs.

 

Subsidies voor tijdschriften en uitgevers

 Naast het zuiver literaire segment van de letteren is er het niet-literaire segment dat door de administratie wordt behartigd en gesubsidieerd. Het betreft het ondersteunen van algemeen culturele (met inbegrip van het Erfgoeddecreet) en kunstkritische publicaties. Concreet betekent dit het subsidiëren van tijdschriften en het verlenen van productiesubsidies aan uitgevers van boeken in dit niet-literaire segment.

In het Kunstendecreet en het Erfgoeddecreet wordt een hoofdstuk gewijd aan de ondersteuning van periodieke en niet-periodieke publicaties en in het hoofdstuk internationale aangelegenheden wordt ook de mogelijkheidopgenomen om vertalingen uit en naar het Nederlands te subsidiëren. Hiermee geeft de overheid het groeiende belang aan van reflectie over de kunsten, bestemd voor een zo breed mogelijk publiek. Tijdschriften en andere publicaties die een bredere kijk geven op de artistieke en culturele ontwikkelingen, verdienen een plaats in het algemene kunstenbeleid.

 

Onze locaties